Direct naar content

Zorgtechnologie begint bij de patiënt

Digitalisering speelt een steeds grotere rol in de zorg. Nieuwe systemen en digitale processen helpen organisaties om efficiënter te werken en de kwaliteit van zorg te verbeteren. Tegelijkertijd doen AI-toepassingen hun intrede, met nieuwe mogelijkheden om zorgprocessen verder te ondersteunen.

Toch begint goede zorgtechnologie niet bij technologie, maar bij een patiënt. Een patiënt die zich mentaal of fysiek niet goed voelt en hulp zoekt. Want de kern van zorg is eenvoudig: mensen beter maken of hun situatie verbeteren.

digitale transformatie
Britt Gommers 25 februari 2026

Technologie heeft pas waarde wanneer deze dat proces ondersteunt. Daarom begint goede zorgtechnologie dus niet bij systemen, maar bij de vraag wat een patiënt daadwerkelijk helpt in zijn of haar herstel. Bij de ontwikkeling van zorgoplossingen kijken we eerst naar het zorgproces zelf: waar lopen patiënten en zorgprofessionals in de praktijk tegenaan?

Het zorgproces begint met een mens, niet met een systeem

Voor een patiënt begint zorg vaak met een moment van twijfel of zorg: Ik voel me niet goed. Wat nu? Een volgende stap is meestal het zoeken naar informatie en het maken van een afspraak. Dat gebeurt vaak via een online portaal, telefonisch contact of een verwijzing van de huisarts. De eerste concrete stappen in het zorgtraject zijn gezet, maar er is in veel gevallen nog geen of nauwelijks persoonlijk contact geweest met een zorgprofessional.

Voor organisaties is dit een bekend proces, maar voor de patiënt kan het juist een periode van onzekerheid zijn. Juist in deze fase is het belangrijk dat systemen niet in de weg staan, maar ondersteunen. Denk aan duidelijke informatievoorziening en laagdrempelige communicatie.

Technologie kan hier helpen door ervaringen van andere patiënten inzichtelijk te maken. Reviews, beoordelingen en gedeelde ervaringen kunnen mensen helpen om beter te begrijpen wat ze kunnen verwachten en om gerichter keuzes te maken. Tegelijk geeft dit zorgorganisaties inzicht in hoe patiënten hun dienstverlening ervaren en waar verbeteringen mogelijk zijn. De grootste impact ontstaat echter vaak tijdens het daadwerkelijke zorgmoment.

Waar het in de praktijk vaak misgaat

Tijdens het eerste persoonlijke gesprek is er een spanningsveld dat veel zorgprofessionals herkennen. Aan de ene kant is er de patiënt die aandacht en een goed gesprek nodig heeft. Aan de andere kant is er de administratie die moet worden bijgehouden.

Veel professionals zijn tijdens gesprekken tegelijkertijd bezig met typen, registreren en navigeren door systemen. Dat heeft verschillende gevolgen:

  • Verlies van oogcontact en menselijke connectie
  • Te weinig tijd voor de patiënt
  • Incomplete of versnipperde notities
  • Uitloop in afspraken door administratieve werkzaamheden

Het gevolg is dat zowel patiënten als professionals het gevoel krijgen dat het proces niet optimaal werkt. Niet omdat de zorgprofessional tekortschiet, maar omdat systemen onvoldoende aansluiten op de realiteit van het werk.

 

Patientverhaal Lisa: “Toen ik na mijn bevalling tien dagen met mijn pasgeboren baby op de afdeling neonatologie verbleef, ervaarde ik de meeste stress door gebrek aan communicatie en duidelijke opvolging.

Er werden verschillende onderzoeken gedaan en mijn baby lag aan meerdere monitoren en draden. Op bepaalde dagen zouden er uitslagen volgen. Op één van die dagen kwam er geen arts langs. Later bleek dat er geen arts was gekomen omdat de uitslagen geen bijzonderheden lieten zien.

Achteraf begrijp ik dat de aandacht dan naar meer urgente situaties gaat. Toch zorgde het ontbreken van een terugkoppeling voor veel onzekerheid. Een centrale registratie of duidelijke communicatie had dat waarschijnlijk kunnen voorkomen.

Ik heb nooit getwijfeld aan de inzet en expertise van artsen en verpleegkundigen. Wel vroeg ik me af of dit soort processen niet logischer en beter gestructureerd kunnen worden.”

Technologie die ruimte creëert voor betere zorg

Juist op dit punt kan technologie een verschil maken. Tijdens de oriëntatie op zorgaanbieders, nog voordat een afspraak plaatsvindt, kunnen patiënten al geholpen worden met relevante ervaringen van andere patiënten. Deze inzichten, verzameld via feedback platform Expoints, helpen mensen om beter te begrijpen wat ze kunnen verwachten en ondersteunen hen bij het maken van een keuze.

Wanneer het daadwerkelijke consult plaatsvindt, verschuift de rol van technologie. Met GRIFF AI kunnen zorgprofessionals bijvoorbeeld mondeling verslag doen van een gesprek. De gesproken informatie wordt met behulp van AI automatisch omgezet naar gestructureerde tekst en direct gekoppeld aan het cliëntendossier. Dat betekent dat professionals minder hoeven te typen en meer aandacht kunnen geven aan het gesprek zelf.

In combinatie met een gebruiksvriendelijk elektronisch cliëntendossier, zoals OscarECD, ontstaat een werkproces waarin informatie sneller en vollediger wordt vastgelegd zonder dat het consult eronder lijdt. Technologie staat daarmee niet centraal, maar ondersteunt het moment waarop zorg plaatsvindt.

Door technologie op deze manier in te zetten verbetert niet alleen het consult zelf, maar ook het vervolg van het zorgtraject. In volgende afspraken is informatie eenvoudig terug te vinden en kunnen zorgprofessionals inspelen op ervaringen die patiënten via Expoints hebben gedeeld.

Van losse ervaringen naar structureel inzicht

Zorg eindigt niet wanneer de patiënt de spreekkamer verlaat. Veel patiënten reflecteren thuis op hun ervaring. Voelden ze zich gehoord? Was de informatie duidelijk? Wat kan beter? Het leidt vaak tot patiënten die nog eens bellen of mailen en dus naar nieuwe informatie, die niet altijd in het dossier terecht komt.

Voor zorgorganisaties is deze feedback waardevol, maar in de praktijk is deze vaak versnipperd. Verschillende afdelingen gebruiken eigen vragenlijsten of evaluaties, waardoor een compleet beeld ontbreekt.

Met Expoints kunnen zorgorganisaties patiëntervaringen centraal verzamelen en analyseren. Feedback van verschillende afdelingen komt samen in één overzicht, waardoor patronen zichtbaar worden. Dat maakt het mogelijk om gerichter te verbeteren en om beter te begrijpen waar processen in de praktijk goed of juist minder goed werken.

Wanneer systemen echt gaan samenwerken

De grootste waarde ontstaat wanneer verschillende oplossingen niet los van elkaar functioneren, maar samenwerken. Rapportages, cliëntendossiers en patiëntfeedback met elkaar verbinden zorgt voor overzicht en een bredere kijk op de zorgervaring. Data kan dan niet alleen worden vastgelegd, maar ook worden gebruikt om zorgprocessen gericht te verbeteren.

DataLeaf richt zich in dit soort trajecten op het verbinden van systemen en het inzichtelijk maken van data. Integraties en analysemogelijkheden zorgen zo voor een continue verbetercyclus: ervaringen van patiënten leiden tot inzichten en die inzichten leiden weer tot concrete verbeteringen in het zorgproces. Resultaat is een zorgomgeving waarin technologie niet leidend is, maar ondersteunend aan betere zorg.

Technologie als middel, niet als doel

De discussie over digitalisering in de zorg gaat vaak over systemen en data. Maar uiteindelijk draait het om iets anders: patiënten die goede zorg nodig hebben en professionals die hun werk zo goed mogelijk willen doen. Technologie kan daarbij helpen, mits deze aansluit op de praktijk van de zorg en het perspectief van de patiënt.

Door het zorgproces vanuit dat perspectief te bekijken, ontstaan oplossingen die niet alleen efficiënter zijn, maar ook menselijker werken.

Tijdens de Zorg & ICT-beurs van 14 t/m 16 april gaat DataLeaf graag in gesprek over hoe organisaties technologie kunnen inzetten om zorgprocessen te verbeteren en tegelijkertijd ruimte te creëren voor waar het echt om draait: herstel van de patiënt.